Ieder jaar organiseert het Oud-Katholiek Seminarie van de Universiteit Utrecht in de eerste twee weken van juli twee Summer Schools in de oud-katholieke theologie. Twee weken lang staan inspirerende en verdiepende colleges, ontmoetingen met deelnemers uit uiteenlopende culturele en theologische achtergronden en het genieten van de prachtige stad Utrecht centraal. We blikken terug op de Summer Schools van dit jaar door de ogen van deelnemer Tamara Kleinbloesem. Ze is student Theology & Religious Studies aan de Vrije Universiteit Amsterdam en student-assistent aan het Oud-Katholiek Seminarie.
De Summer School ‘Old Catholic Theology: Faith, History and Praxis’ vond plaats van 5 tot en met 10 juli 2026. Deze cursus bood een introductie in de oud-katholieke theologie binnen een oecumenische context.
De eerste week van de Summer School 2026 was dit jaar als een inspirerende vakantie. De mis in de St. Gertrudiskathedraal voelde als thuiskomen en tijdens de lunch na de mis raakte iedereen al snel met elkaar in gesprek en leerden we elkaar beter kennen. Gedurende de week volgden we colleges over de geschiedenis van de Oud-Katholieke kerk, de liturgie, het kerkelijk recht en de dagelijkse praktijk. De groep bestond uit mensen met diverse achtergronden – bijvoorbeeld leden van de Kerk van Zweden, de Lutherse kerk in Finland, de Iglesia Filipina Independiente en de Protestantse Kerk in Nederland. De onderwerpen maakten dan ook veel los bij alle deelnemers. De open sfeer en nieuwsgierigheid naar elkaars ervaringen en meningen zorgden ervoor dat er allerhande vragen gesteld werden: Waarom splitsten de Rooms-Katholieke en Oud-Katholieke kerk? Wat zijn een priester, pastoor en bisschop, en waarom heeft de bisschop jurisdictie? Welke taken hebben de kerk en de overheid, en is daar concurrentie?
Na een dag colleges gevolgd te hebben, was er een borrel in de tuin van de St. Gertrudis kathedraal. Terwijl we heerlijk met een drankje in de tuin zaten, deelden verschillende studenten over het diaconale werk dat hun kerk uitvoert. Daarnaast werd er gekletst en genoten van het heerlijke weer.
De kennis die tijdens de colleges werd opgedaan, kreeg bevestiging in de praktijk. We hebben als groep een prachtige route door Amsterdam gelopen, waarbij we ontdekten hoeveel schuilkerken Amsterdam kent, en hoeveel kerkgeschiedenis. We maakten een tussenstop in “Ons’ Lieve Heer op Solder” en in de Begijnhof. Onderweg was er weer alle ruimte voor vragen en discussie en leerden we elkaar steeds beter kennen: zeker toen we met elkaar uit eten gingen en er uitbundig gedeeld en gediscussieerd werd over eigen ervaringen in de kerk, over feminisme en over politiek.
Er was ook aandacht voor kunst tijdens de week. We bezochten het Catharijneconvent, een museum voor christelijke kunst, en ook dit was een stimulerende activiteit. Priestergewaden van duizend jaar oud, de kist waar de originele Statenbijbel in werd bewaard en eeuwenoude objecten zoals de monstrans en de miskelk belichtten nogmaals onze verschillende achtergronden.
De kern van de week haakte daar mooi op aan. Een quote van een student: “Ik heb hier ervaren dat we onze overeenkomsten kunnen waarderen en tegelijkertijd onze verschillen kunnen respecteren.” Een van de belangrijkste onderwerpen van de week was dan ook oecumene: het streven naar eenheid onder christenen. Het was een eer om zoveel interessante en gezellige mensen te ontmoeten en te weten dat we samen één geheel vormen.
Van 12 tot en met 17 juli 2026 werd de Summer School ‘Ecumenical Catholicity: The Old Catholic Witness’aangeboden. Deze cursus richt zich op de oecumenische betrokkenheid, het getuigenis en de hoogte- en dieptepunten van de oecumenische theologie van de Oud-Katholieke Kerken van de Unie van Utrecht.
De tweede week van de zomerschool zou wat meer de diepte in gaan en die belofte werd waargemaakt. Weer begonnen we door samen een mis bij te wonen en daarna te lunchen. De groep was deze week een stuk kleiner en sommige gezichten waren bekend omdat zij ook de eerste week hadden bijgewoond. De sfeer was zo wederom open en geïnteresseerd. We volgden colleges over hoe oecumene er in de praktijk uitziet en hoe het voeren van dialogen met andere christelijke tradities verliep en verloopt. Ook kwam een uitgebreide analyse van de geschiedenis van liturgie naar voren en hadden we het over kerkmuziek en hoe overkoepelend die soms kan zijn.
Ook deze week was er weer een borrel in de prachtige tuin van de St. Gertrudis Kathedraal. Het onderwerp van de avond was jeugdwerk: wat zijn valkuilen in het huidige tijdperk, hoe ontmoet je kinderen en jongeren in een seculiere en virtuele wereld? Er was genoeg om over te praten, zozeer dat de tijd uit het oog verloren werd. Iedereen deelde ervaringen, bijvoorbeeld over hoe het was om als kind op te groeien met ouders die in de kerk werken of over hoe het is om in de kerk te werken en te proberen dat niet een te negatieve invloed te laten hebben op het opgroeien van je kinderen.
Niet alleen tijdens de colleges werd er nieuwe kennis opgedaan, ook in de praktijk. Waar we in de eerste week een tour door Amsterdam kregen en het Catharijneconvent bezochten, woonden we deze week een vesper bij in de Domkerk van Utrecht waarna we een rondleiding door het gebouw kregen. We zongen met elkaar, baden met elkaar en ontdekten samen de rijke geschiedenis van de kerk, die voorheen Rooms-Katholiek was en flinke gevolgen heeft ondervonden van de beeldenstorm.
Voor we het goed en wel doorhadden, was het alweer de laatste dag van de zomerschool. We hadden een laatste college over de toekomst van oecumenisch katholicisme, lunchten nog een keer samen en ontvingen daarna onze certificaten. De studenten vertrokken weer naar huis, onder andere naar Zweden, Japan, Engeland en de Verenigde Staten. Het was een week die rijk was aan geschiedenis, kennis, gezelligheid en inspiratie.

